1. Kunnen de kosten van het produceren van duurzame energie ter compensatie van de emissie van methaangas en lachgas tijdens het zuiveringsproces, betaald worden uit de opbrengst van de zuiveringsheffing of is het wenselijk is hiervoor de (Waterschaps)wet te wijzigen?
  2. Indien de wet gewijzigd zou moeten worden: welke risico’s zijn er als de wet niet wordt aangepast?
  3. Indien de wet gewijzigd moet worden: welke bepalingen van de (Waterschaps)wet zouden moeten worden aangepast om bekostiging uit de zuiveringsheffing mogelijk te maken en welke wijzigingen zijn dan nodig?
  4. Brengt bekostiging uit de zuiveringsheffing van energieproductie om klimaatneutraal te worden risico’s voor de heffing van de waterschapsbelastingen met zich mee en, zo ja, welke? Hoe kunnen die risico’s worden beperkt?
  5. Welke bepalingen van de Waterschapswet moeten worden gewijzigd om afvalwaterstromen van bedrijven die niet via de gemeentelijke riolering, maar separaat op de zuiveringsinstallaties worden aangeboden, buiten de zuiveringsheffing te kunnen houden (te defiscaliseren) en hierover aparte (prijs)afspraken te kunnen maken met de betrokken bedrijven? Welke wijzigingen in die bepalingen zijn dan nodig?
  6. Brengt het defiscaliseren van separate afvalstromen risico’s voor de heffing van de zuiveringsheffing met zich mee en, zo ja, welke? Hoe kunnen die risico’s worden beperkt?
Additional Metadata
Persistent URL hdl.handle.net/1765/114099
Citation
Monsma, J.A, & Monsma, A.P. (2019, January 3). Rapportage onderzoek fiscaal-juridische advisering over energieproductie door waterschappen. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/114099