Vorig jaar werd een motie aangenomen van de Kamerleden Lodders en Van Weyenberg over het buiten de WOZ-waarde of onroerendezaakbelastingen (hierna: OZB) houden (en daarmee vrijstellen) van zonnepanelen, om zo te voorkomen dat verduurzaming van de eigen woning ‘gestraft’ zou worden met een hogere lokale belastingheffing. Dat klinkt, zoals de meeste vrijstellingen voor maatschappelijke doeleinden, sympathiek, maar er zitten ook haken en ogen aan. In haar reactie op deze motie benoemt Minister Ollongren van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een aantal haken en ogen van een WOZ- en/of OZB-vrijstelling. Zij acht in plaats van een vrijstelling de invoering van een groene heffingskorting en/of een subsidieregeling kansrijker. Zij denkt daarbij aan een soort algemene heffingskorting ingeval één of meer verduurzamingsmaatregelen zijn getroffen in of aan de woning waarvoor belasting (bijvoorbeeld de OZB) wordt geheven. In een brief vraagt de minister vervolgens aan de VNG om, ter stimulering van het invoeren van de groene heffingskorting, hiervoor een modelverordening op te stellen. In deze beschouwing gaan wij in op de reactie van de minister en op de mogelijkheden en fiscaal-juridische risico’s van de door haar genoemde groene heffingskorting. Achtereenvolgens bespreken wij de vraag of er een probleem bestaat dat opgelost moet worden (onderdeel 2), argumenten voor en tegen het invoeren van een heffingskorting of -vrijstelling (onderdeel 3), de door de minister afgeraden WOZ-waarderingsuitzondering en OZB-vrijstelling voor zonnepanelen (onderdeel 4) en de door de minister als kansrijk alternatief voorgestelde groene heffingskorting (onderdeel 5). We sluiten af met een conclusie (onderdeel 6).

hdl.handle.net/1765/135527
Belastingblad

Monsma, A.P, & M. Noordegraaf. (2021). Goed gedrag belonen: over de groene heffingskorting. Belastingblad, 2021(10), 751–759. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/135527