Hoeveel en welke studenten zijn voorstander respectievelijk tegenstander van de OV-studentenkaart en waarom? Dit waren enkele van de vragen die, voorafgaand aan de invoering van de verplichte OV-kaart (januari 1991), zijn onderzocht in voorjaar 1989 bij een steekproef van 931 studerenden aan het MBO, HBO en WO. Als theoretisch kader bij de analyse van deze vragen is gebruik gemaakt van het onderscheid dat Abell maakt in klantengroepen, klantenfuncties en alternatieve techno1ogieën en van het Fishbein en Ajzen attitudemodel. Het bleek destijds dat de helft van de studerenden de kaart een onaantrekkelijk nieuw produkt vond. Deze tegenstanders haddeneen reis- en vervoersgedrag waardoor zij zeer weinig openbaar vervoerskosten maakten. Dit kwam ofwel omdat men weinig reisde (men woont dicht bij ouders en studieplek), ofwel omdat men wel veel reisde maar dit met eigen vervoer deed (autobezitters en meerijders, motor- of bromfiets). Beide groepen zouden er door de invoering van de kaart, bij ongewijzigd reis- en vervoersgedrag, financieel op achteruit gaan vanwege de korting op de basisbeurs. Compensatie van de financië1e achteruitgang door bet substitueren van eigen vervoer door openbaarvervoer werd problematisch geacht omdat men de bereikbaarheid van de reisdoelen met openbaar vervoer als slecht beoordeelde. Vergeleken met de tegenstanders reisden de voorstanders reeds veel met openbaar vervoer zodat zij financieel (vrijwel) quitte zouden spelen of er op vooruit zouden gaan. Uit de intenties tot verandering in reisgedrag bleek dat er vooral een toename van het reisgedrag met het openbaar vervoer te verwachten was in de daluren (bezoeken aan familie, vrienden, recreatiedoelene.d.) en niet in de spits. Als belangrijkste conclusie van de resultaten kan genoemd worden dat wanneer een niet-verplichte OV-kaart geïntroduceerd zou zijn tegen een hogere prijs dan de huidige korting op de basisbeurs, dit beter zou hebben gespoord met de wensen in de markt dan de huidige verplichte OV-kaart.

Bedrijfskunde, organisatiekunde, Economie en bedrijfskunde, Maatschappelijke structuren en relaties, Organization and management of enterprises
hdl.handle.net/1765/20522
ERIM Article Series (EAS)
Jaarboek van de Nederlandse Vereniging van Marktonderzoekers
Erasmus Research Institute of Management

Pruyn, A.Th.H, Smidts, A, & Waarts, E. (1991). Spoort de OV-studentenkaart met de wensen in de markt?. Jaarboek van de Nederlandse Vereniging van Marktonderzoekers, 95–118. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/20522