Het hieronder beschreven onderzoek werd begonnen vanuit het verlangen, meer kennis te verwerven over de samenhang tussen het chronisch misbruik van analgetica en de nierbeschadiging, die hielVan het gevolg is. Sinds eind 1966 werd het plan opgevat om een reeks patiënten samen te stellen die leden aan de zogenaamde analgeticanephropathie. De aard van het nierlijden en de wijze waarop de ziekte zich ontwikkelde, zou ons inziens mogelijk duidelijk worden, indien een uitgebreid, gericht onderzoek zou plaatshebben bij alle patiënten uit onze kliniek en polikliniek bij wie een anamnese werd aangetroffen waarin een jarenlang misbruik van analgetica voorkwam. Om deze reden werd vanaf januari 1967 begonnen met het systematisch vragen naar het gebruik van analgetica, zoals dit voorheen reeds plaatsvond ten aanzien van alcohol en nicotine. Nadat chronisch misbruik van analgetica op grond van anamnestische gegevens was komen vast te staan, werd de patiënt aan onze reeks toegevoegd. Het ging ons hierbij niet uitsluitend om patiënten bij wie een volledig beeld bestond -van de analgeticanephropathie. Ook patiënten, die nog een geheel normale nierfunctie vertoonden, hadden onze belangstelling met het speciale doel om de beginphase van de ziekte en de verdere evolutie te bestuderen.

analgetica, nierfunctie, nierschade, phenacetine
J. Gerbrandy
Erasmus University Rotterdam
hdl.handle.net/1765/26322
Erasmus MC: University Medical Center Rotterdam

Silberbusch, J. (1973, January 17). Phenacetine en de nier : een experimenteel en klinisch onderzoek. Erasmus University Rotterdam. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/26322