Een opname in een psychiatrisch ziekenhuis is de som van een aantal deelsituaties die elk op zich niet obligaat daartoe behoeven te leiden. Er bestaat geen vast omschreven 'opname-syndroom1 , evenmin een objectieve en overdraagbare maat voor gestoord gedrag. Het is een ingreep die sommige problemen oplost, maar waardoor nieuwe met verstrekkende nadelige invloeden op de verdere levensloop van de patiënt en diens familie kunnen ontstaan. De gepostuleerde lastenverlichting voor de omgeving die het gevolg zou zijn van een psychiatrische opname lijkt meer het resultaat van whishful thinking dan een realiteit. De mate waarin gezinsleden een psychiatrische patiënt ervaren als een belasting neemt, blijkens het onderzoek van Herz, (1976) niet af door hem op te nemen: "Family memhers reported symptoms whether the patient was at home or in the hospital". In de besluitvorming rond een psychiatrische opname spelen niet alleen patiëntgebonden factoren een rol. De vóóropleiding van degene die beoordeelt, diens persoonlijkheid en mensvisie alsook zijn ervaring en de mate van vermoeidheid zijn eveneens van belang; zo ook het tijdstip waarop de patiënt wordt aangemeld. De 'meer-opname' in avond, nacht en weekend is niet verklaarbaar uit de aard van de aangemelde problematiek (vgl. Mendel & Rapport, 1969; Streiner, et al., 1975). Het onderzoek van de laatstgenoemde auteurs maakt aannemelijk dat deze 1 meer-opname' toeneemt naarmate het aantal aanmeldingen per opnamefunctionaris groter is. Er lijkt sprake van een optimum in deze, waarboven zelfs een ervaren functionaris ten onrechte gaat opnemen. Hoe groter het aantal lege bedden, des te meer patiënten worden er opgenomen (vgl. Streiner, et al., 1975; Elsenburg, 1979). Oudere patiënten worden minder snel opgenomen (Giel, 1973}; bij vergelijkbare symptomen worden patiënten uit lagere sociale klassen eerder opgenomen dan die uit de hogere (vgl. Shader, et al., 1969). Bij ernstig gestoorde patiënten spelen de ernst van de symptomen en van de ziektebeelden slechts een ondergeschikte rol: Een eerdere opname in een psychiatrisch ziekenhuis daarentegen blijkt van groot belang. Volgens Mendell & Rapport (1969) is het zelfs de enige factor met een statistisch significante invloed op de besluitvorming tot een psychiatrische opname.

ambulante geestelijke gezondheidszorg, geestelijke gezondheidszorg, preventie, sociale psychiatrie, ziekenhuisopname
C.J.B.J. Trimbos
Erasmus University Rotterdam
hdl.handle.net/1765/38522
Erasmus MC: University Medical Center Rotterdam

Jenner, J.A. (1984, November 28). Opnamevoorkómende strategieën in de praktijk van de sociale psychiatrie. Erasmus University Rotterdam. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/38522