Letsel- en en zaakschade van de werknemer, opgelopen bij de uitoefening van de beroepswerkzaamheden, kunnen op de werkgever worden verhaald, tenzij de werkgever kan aantonen geen zorgplicht te hebben geschonden of de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer (art. 7:658 BW). Bij verkeersongevallen waarbij de werknemer betrokken is, speelt de complicatie dat de werkgever veelal geen invloed op de verkeerssituatie kan uitoefenen en dus geen zeggenschap heeft over de ‘werkplek’. Dat brengt met zich dat de zorgplicht van de werkgever uit artikel 7:658 BW veelal niet de verkeersbewegingen van de werknemer bestrijkt. Een werknemer die zelf een auto bestuurt en letsel oploopt waar geen andere weggebruiker voor aansprakelijk kan worden gesteld, zal daarom niet met een beroep op art. 7:658 BW de werkgever tot vergoeding kunnen aanspreken.

, , , , , ,
hdl.handle.net/1765/7511
Jurisprudentie Aansprakelijkheid
Private Law

van Boom, W.H. (2006). Annotatie bij HR 2-12-2005, C04/353HR. Jurisprudentie Aansprakelijkheid, 1–5. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/7511