In de afgelopen twintig jaar zijn in epidemiologisch onderzoek associaties aangetoond tussen een laag geboortegewicht en de ontwikkeling van hart en vaatziekten en de risicofactoren daarvoor op latere leeftijd. De ‘foetale origine van volwassen aandoeningen’ hypothese veronderstelt dat een ongunstige foetale omgeving leidt tot aanpassingen in de ontwikkeling die permanent de structuur, fysiologie en het metabolisme van de foetus beïnvloeden. Dit leidt tot foetale groeivertraging en een laag geboortegewicht en zou ten gunste zijn voor de overleving op korte termijn. Lange termijn eff ecten zouden echter schadelijk zijn en leiden tot hart en vaatziekten. Door deze hypothese is recent de zoektocht naar de oorsprong van hart en vaatziekten uitgebreid van epidemiologisch onderzoek bij volwassenen en kinderen naar onderzoek gericht op het foetale en vroege postnatale leven. Hoewel het geboortegewicht makkelijk te meten is en beschikbaar is uit obstetrische dossiers, is het waarschijnlijk niet de beste afspiegeling van een ongunstige foetale omgeving of blootstelling. Hetzelfde geboortegewicht kan het resultaat zijn van verschillende foetale blootstellingen en groeipatronen. Roken van moeder tijdens de zwangerschap is de belangrijkste determinant van laag geboortegewicht in westerse landen. Een ongunstige foetale omgeving als gevolg van roken van moeder kan door de directe effecten van nicotine en de geassocieerde maternale levensstijl en voedingsgewoonten leiden tot veranderingen in de ontwikkeling. Om die reden zou roken van moeder tijdens de zwangerschap een betere afspiegeling kunnen zijn van een nadelige foetale omgeving dan het geboortegewicht. De ‘foetale origine van volwassen aandoeningen’ hypothese was de belangrijkste aanleiding tot het doen van het onderzoek dat beschreven wordt in dit proefschrift. Het doel van dit onderzoek was om mechanismen te identificeren die leiden van ongunstige foetale blootstellingen, tot suboptimale foetale groeipatronen en vervolgens tot de ontwikkeling van risicofactoren voor hart en vaatziekten. Hierbij hebben we ons gericht op roken van moeder tijdens de zwangerschap als ongunstige foetale blootstelling. Er zijn verschillende hypothesen voorgesteld voor mechanismen die de associaties tussen een laag geboortegewicht en ziekten op de volwassen leeftijd zouden kunnen verklaren. Deze hypothesen stellen een centrale rol voor voor 1) foetale ondervoeding; 2) toegenomen foetale blootstelling aan cortisol; 3) genetische aanleg voor zowel laag geboortegewicht als ziekten op de volwassen leeftijd; en 4) versnelde postnatale groei van kinderen met een laag geboortegewicht. In hoofdstuk 2 worden resultaten beschreven van eerder verricht epidemiologisch onderzoek, dat opgezet was om deze hypothesen te testen. Het is nog niet bekend welke mechanismen de associaties tussen laag geboortegewicht en ziekten op de volwassen leeftijd verklaren.

H.A. Büller (Hans) , A. Hofman (Albert)
Erasmus University Rotterdam
Büller , Prof. Dr. H.A., Hofman, Prof. Dr. A., Netherlands Organization for Health Research and Development
978-90-8559-175-7
hdl.handle.net/1765/7740
Erasmus MC: University Medical Center Rotterdam

Jaddoe, V.W.V. (2006, May 24). Maternal and fetal origins of cardiovascular disease: The Generation R Study. Erasmus University Rotterdam. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/7740