Zeals bij elk dierexperimenteel onderzoek moet men zich afvragen in hoeverre de verkregen resultaten kunnen worden overgebracht op de mens. Uit het weinige onderzoek over de electrische en de daarmee verbonden mechanische activiteit van de niet-zwangere uterus dat bij de mens in vivo is verricht kunnen slechts beperkte en vrijwel uitsluitend kwalitatieve conclusies worden getrokken. Dit is gedeeltelijk een gevolg van beperkingen van de gebruikte meetapparatuur, doch moet voor een ander deel ook worden toegeschreven aan onvolkomenheden in de opzet en uitvoering van de hierboven genoemde onderzoeken. Zo werd bij de mens in vivo nooit een longitudinaal onderzoek van de electrische en de mechanische activiteit van de niet-zwangere uterus uitgevoerd. De resultaten van electro-hysterografisch onderzoek samen met die van meting van de mechanische uterusactiviteit zouden niet alleen een beter inzicht kunnen verschaffen in de spierfysiologie van de niet-zwangere uterus, doch zouden oak relevant kunnen zijn voor de pathofysiologie die ten grondslag zou kunnen 1iggen aan afwijkingen zoals dysmenorroe en functionele menorragie.

, ,
H.C.S. Wallenburg (Henk)
Erasmus University Rotterdam
hdl.handle.net/1765/31503
Erasmus MC: University Medical Center Rotterdam

van Geldorp, H.J. (1980, June 4). Electromyografie van de niet-zwangere uterus : een klinisch-experimenteel onderzoek. Erasmus University Rotterdam. Retrieved from http://hdl.handle.net/1765/31503